Sturen op veiligheid

Doen wat nodig is voor het kind

Christine Pollmann

hoofd afdeling Jeugd van de gemeente Amsterdam

Sturen op veiligheid was hét thema van 2018, zowel voor Jeugdbescherming als voor de afdeling Jeugd van de gemeente Amsterdam. Los van elkaar en samen hebben we verschillende stappen gezet in het nog concreter werken aan de veiligheid van kinderen.

Hierbij speelt de uitdaging om met minder middelen meer te doen, op de achtergrond altijd mee. Wat waren de belangrijkste ontwikkelingen voor Jeugdbescherming en hoe kijkt hoofd van de afdeling Jeugd Christine Pollmann van de gemeente Amsterdam terug op het jaar 2018?

Werken aan de veiligheid van kinderen doen we als Jeugdbescherming volgens een systeemgerichte aanpak (zie kader). Hierin speelt de gezinsmanager een centrale rol. Om die rol goed te kunnen vervullen, is het team ontzettend belangrijk.

Veiligheid is teamwork
De gezinsmanager voert de regie op veiligheid en bespreekt de voortgang van ieder gezin wekelijks met het eigen team. Daarbij vormen collega-gezinsmanagers een klankbord en helpt de senior gezinsmanager bij de wijze waarop de gezinsmanager gesprekken over de actuele en blijvende veiligheid voert: het ‘hoe’ (volgens de bewezen effectieve gespreksmethodiek Functional Family Parole). De aangesloten gedragsdeskundige adviseert over de inhoud: het ‘wat’. Wat is er aan de hand? Wat moet er gebeuren? Wat heeft dit kind nodig? De teammanager zorgt ervoor dat het hele proces effectief verloopt en bespreekt eventuele hindernissen op een overkoepelend niveau. Werken aan de veiligheid van kinderen, is dus met recht teamwork te noemen!

Werken volgens de bedoeling
Wil je als professional kunnen sturen op actuele en blijvende veiligheid, dan moet je aan het roer kunnen staan in de begeleiding van een gezin. Vanuit die gedachte zijn we, na een succesvolle pilot in 2017, met alle teams gaan ‘werken volgens de bedoeling’ en is het aantal gezinnen per fulltime gezinsmanager teruggebracht van veertien naar tien. De hierdoor vrijgekomen tijd en ruimte gebruiken gezinsmanagers om gezinnen beter te leren kennen en om volledig volgens de methodiek te werken. Dit zorgt voor een grotere slagkracht en betere resultaten voor gezinnen. Het werk is niet minder intensief, wel ervaren gezinsmanagers meer grip en werkplezier omdat ze bezig zijn met de juiste dingen. Werken volgens de bedoeling was daarmee een belangrijke ontwikkeling in het sturen op veiligheid.

Ieder kind blijvend veilig
In onze aanpak, Intensief Systeemgericht Casemanagement, werken we met het hele ‘systeem’ van ouders, kinderen, hun sociale netwerk en betrokken hulpverleners, aan de actuele én blijvende veiligheid van kinderen.

Zodra een gezin bij ons komt, ligt de eerste focus op de actuele, dagelijkse veiligheid van kinderen. De veiligheidsafspraken die we samen maken, vormen de basis voor het creëren van die veiligheid. Ook onderzoeken we welke patronen de oorzaak van de blijvende onveiligheid vormen en welke resultaten behaald moeten worden, zodat de kinderen blijvend veilig zijn en het gezin zelfstandig verder kan.

De vastgestelde patronen en beoogde resultaten worden vastgelegd in een gezinsplan. Aan dit plan koppelen we een passende zorgaanbieder. Deze is verantwoordelijk voor het behalen van de gewenste resultaten middels de inzet van passende hulp.

Gedurende het hele traject bewaken we de veiligheid en motiveren we alle gezinsleden om, vanuit hun eigen kracht, te werken aan blijvende veiligheid.

‘Doen wat nodig is voor het kind en
minder geld uitgeven, het kán.’

Actuele veiligheid
Een andere essentiële verandering is het gerichte onderscheid dat we sinds dit jaar maken tussen het werken aan de actuele en de blijvende veiligheid van kinderen.

Onze aanpak was vooral gericht op het vaststellen van patronen en het werken aan blijvende veiligheid. Nu hebben we daarnaast een slag geslagen op het gebied van actuele veiligheid. Hiermee bedoelen we niet de acute veiligheid: als deze in gevaar is, spreken we van een crisissituatie. Actuele veiligheid draait om vragen als: wat komt dit kind vandaag tekort? Of: waardoor raakt dit kind vandaag beschadigd? Om gezinsmanagers te helpen vanaf dat één concreet te handelen wat betreft de actuele, dagelijkse veiligheid van kinderen, hebben we een nieuw veiligheidstaxatie-instrument ontwikkeld: de HAVIK (zie kader).

Vanuit actuele naar blijvende veiligheid
De HAVIK zorgt ervoor dat het werken aan de actuele veiligheid van kinderen een continu proces blijft. De veiligheidsafspraken gelden iedere dag, waardoor er direct veiligheid in een gezin ontstaat. Ondertussen wordt er gewerkt aan blijvende veiligheid, door patronen te doorbreken en door maximaal drie duidelijke resultaten te benoemen die hiervoor moeten gaan zorgen. De resultaten geven richting aan de keuze voor de zorgaanbieder die de benodigde hulp gaat verlenen. Hulp die wordt uitgezet in de vorm van een SPIC (Segment Profiel Intensiteit-Combinatie).

HAVIK
Handelingsgerichte Actuele Veiligheid Inschatting van het kind

De HAVIK is in 2018 in gebruik genomen. Het veiligheidstaxatie-instrument omvat vier onderdelen. Het eerste deel is een overzicht van elf gebieden van mogelijke actuele onveiligheid. De gezinsmanager kruist de gebieden die van toepassing zijn aan en formuleert op basis daarvan maximaal drie bodemeisen.

Vervolgens maken de gezinsmanager en het gezin een aantal veiligheidsafspraken. Deze gelden iedere dag en kunnen -indien nodig- tussentijds bijgesteld worden. Tenslotte beschrijft de gezinsmanager welke stappen er gezet kunnen worden wanneer het niet lukt om de veiligheidsafspraken na te komen.

Resultaat gericht werken

Het vormgeven van een nieuw stelsel met minder geld levert weleens een slapeloze nacht op. Toch is Christine Pollmann, hoofd van de afdeling Jeugd bij de gemeente Amsterdam, ervan overtuigd dat het mogelijk is. Daarom kijkt ze, met alle partijen binnen de jeugdzorgregio’s van Amsterdam, hoe jeugdzorg beter, efficiënter en effectiever kan worden ingericht. Zo introduceerde de gemeente dit jaar het resultaatgericht werken en staat systeemgericht samenwerken met de volwassen hulpverlening hoog op de agenda.

Christine: “Terugblikkend op 2018 was er een aantal belangrijke ontwikkelingen. Zo hebben we met veertien deelgemeenten een aanbesteding met de gecertificeerde instellingen uitgevoerd. Deze is inmiddels afgerond. Daarnaast zijn we gestart met het resultaatgericht werken voor de specialistische jeugdhulp. In deze nieuwe werkwijze stellen lokale teams en gecertificeerde instellingen, waaronder Jeugdbescherming, samen met ouders en kinderen een plan op waarin staat welke resultaten centraal staan bij de in te zetten hulp voor een gezin. Daarbij wordt ook gekeken naar problematiek (zoals verslaving, schulden of psychiatrie bij ouders), die deze hulp mogelijk belemmert.

Vooral de toenemende focus daarin op het belang van het aanhaken van de volwassenen-GGZ op het jeugddomein, is iets waar we als gemeente en Jeugdbescherming samen trots op mogen zijn. We zijn er nog lang niet, maar de boodschap dat zo’n zeventig procent van de ouders van kinderen waarbij zorgen zijn over de veiligheid zelf kampt met psychiatrische problematiek, is inmiddels zelfs landelijk stevig neergezet.”

Nieuwe aanpak vergt tijd
Er is hard gewerkt om de resultaatgerichte aanpak vanaf dag één tot een succes te maken. Toch is de nieuwe werkwijze nog even wennen. Christine: “Jeugdbescherming is zich in 2017 al gaan voorbereiden op het verwijzen vanuit een opdrachtgeversrol. Toen we eenmaal van start gingen in 2018, heeft Jeugdbescherming zorgaanbieders ondersteund bij de groei in hun nieuwe rol van opdrachtnemer. Dat was heel waardevol. Wel zien we dat het voor verwijzers soms lastig is om ouders te helpen met het concretiseren van te bereiken resultaten. Terwijl juist die concrete resultaten belangrijk zijn voor zorgaanbieders om een behandelplan op te kunnen stellen.”

SPIC’s
Met het resultaatgericht werken, zijn ook de SPIC’s geïntroduceerd: segmenten waarbinnen zorg qua duur en intensiteit kan vallen. Veel van de benodigde hulp voor gezinnen van Jeugdbescherming valt in het zwaarste -en daarmee duurste- segment. Dit leidde nu en dan tot flinke discussies tussen de gemeente, verwijzers en aanbieders. Christine: “Eerlijkheidshalve moet me van het hart dat het werken met SPIC’s best ingewikkeld is gebleken. Het centraal stellen van de breedte en het resultaat willen we niet kwijt, maar hoe we dit samen eenvoudiger in kunnen richten, daar moeten we opnieuw naar kijken.”

Doen wat nodig is én minder geld uitgeven
Het is niet eenvoudig een nieuw stelsel gebaseerd op hulp dichtbij, op te bouwen met minder geld dan voorheen. Christine: “Wij proberen altijd te werken vanuit de gedachte ‘doen wat nodig is voor het kind’ en dat kan samengaan met slimmer geld uitgeven. Zoals bij ‘Innovatieve psychiatrie’, een werkwijze ontwikkeld door Jeugdbescherming die wij ondersteunen en financieren. Hierbij vindt ieder eerste huisbezoek aan een gezin plaats met een gezinsmanager en een Sociaal Psychiatrisch Verpleegkundige van de GGD of Volwassen GGZ. Zo wordt eerder duidelijk of er sprake is van psychiatrie bij de opvoeder, waarna een doorverwijzing naar de juiste GGZ instelling volgt. Dit brengt een duurzame oplossing voor gezinnen sneller dichterbij. Deze succesvolle innovatie willen we nu bij andere gecertificeerde instellingen en lokale teams introduceren.

Het bovenstaande voorbeeld toont aan hoezeer we Jeugdbescherming als expert en kernpartner zien als het gaat om kindveiligheid. Veel innovatie op het gebied van jeugdzorg wordt dan ook in co-creatie ontwikkeld.”

‘Wij zien Jeugdbescherming als de expert en kernpartner
in het stelsel als het gaat om kindveiligheid.’

Werken volgens de bedoeling
Het werven en behouden van personeel is op dit moment een landelijk probleem, ook voor Jeugdbescherming. Christine: “In Amsterdam en Purmerend hebben we het voor Jeugdbescherming mogelijk gemaakt om te ‘werken volgens de bedoeling’. We verwachten dat hierdoor de werkdruk sterk vermindert, waardoor mensen langer behouden kunnen worden voor dit belangrijke werk. Ook gaat deze aanpak er als het goed is voor zorgen dat de kindveiligheid sneller en duurzaam verbetert. In 2019 gaan we na hoe succesvol het ‘werken volgens de bedoeling’ is.”

Met elkaar kijken waar het slimmer kan
De wijze waarop jeugdzorg in de regio Amsterdam wordt vormgegeven, kenmerkt zich vooral door het zoeken naar nieuwe manieren van effectiever samenwerken. Christine: “Al sinds 2015 zetten we als gemeente in op samenwerken rond gezinnen door de lokale teams, met de gecertificeerde instellingen vanuit een consulterende taak. Die samenwerking breiden we graag uit. Daarnaast wordt met partijen als Jeugdbescherming, Blijf Groep, Veilig Thuis, Raad voor de Kinderbescherming, het OM en de Rechtbank gewerkt aan een effectievere (keten van) jeugdbescherming, waarin minder na elkaar wordt geanalyseerd, maar samen in één keer aan de voorkant.

Ook zoeken zorgpartijen en strafpartijen elkaar steeds vaker op. Er wordt nagedacht over een tijdelijk huisverbod (THV) van beide ouders in plaats van een uithuisplaatsing van kinderen en aan meer inzet van een THV vanuit de zorg.

En tenslotte maken we ons met Jeugdbescherming sterk voor minder toezichthouders op het uitvoerend werk. Samen blijven we de verbinding zoeken in het behalen van resultaten op het gebied van veiligheid voor alle kinderen in onze regio.”